BOVENBEWUSTE – de weg naar Overvloed. De zesde van zeven kernbegrippen van Psychosynthese

Een blog geïnspireerd op het boek van Kenneth Sørensen, The Soul of Psychosynthesis.

“A human being is a part of the whole called by us universe, a part limited in time and space. He experiences himself, his thoughts and feeling as something separated from the rest, a kind of optical delusion of his consciousness. This delusion is a kind of prison for us, restricting us to our personal desires and to affection for a few persons nearest to us. Our task must be to free ourselves from this prison by widening our circle of compassion to embrace all living creatures and the whole of nature in its beauty.”
— Albert Einstein

Wat is bovenbewuste?
Kenneth Sørensen beschrijft het bovenbewuste als verzamelde energieën waardoor persoonlijk bewustzijn wordt verruimd naar transpersoonlijk bewustzijn. ‘Trans’ wil zeggen: door de persoonlijkheid heen, voorbij het ego. In verbinding met het bovenbewuste zijn we in een staat van verhoogd, verfijnd en intens bewustzijn. Dit gaat verder dan waarnemingen via lichaam, gevoel, denken en zintuigen. Mensen met transpersoonlijke ervaringen getuigen van een sterk gevoel van ‘één zijn met’ de wereld om ons heen, de mensheid, het leven. Hier bestaat geen tegenstelling, angst, afscheiding, angst, haat. In de kalme atmosfeer van het bovenbewuste kàn dit niet bestaan. Roberto Assagioli zegt hierover:

‘… Anyone whose consciousness has been enlarged, who feels a sense of participation, a sense of unity with all beings, can no longer fight. It seems absurd: it would be like fighting oneself! In this way, the most serious problems, the ones causing the greatest distress, are resolved or eliminated by the development, enlarging and ascent of the consciousness to the level of Higher Reality.’  — Roberto Assagioli

Roberto Assagioli stelt dat alle echte en originele wetenschappelijke, artistieke, technologische, psychologische en culturele vernieuwingen hun oorsprong hebben in deze hogere realiteit, het bovenbewuste. Hier ontspringen de ideeën die de mensheid verder brengen op de evolutionaire ladder. Maar wij allemaal hebben toegang tot het bovenbewuste, èn bovendien zoekt het toegang in ons. Het eenmakend of helend principe in het universum, wil ook helen in ons, het kan ook niet anders want we maken er deel van uit. Als symbool hiervoor wordt vaak de zon of ster (Self, Hoger Zelf) genoemd: het licht schijnt sowieso en doorstraalt onze persoonlijkheid in zoverre we onszelf van sluiers (maskers, rollen, subpersonen, hoe je het ook wilt noemen) hebben bevrijd. Dit laatste is aan ons om aan te werken…

Misschien heb je zelf voorbeelden van bovenbewuste ervaringen waarbij tijd en logica en wegvielen: vervuld zijn van grenzeloze liefde, of ontroerd raken door schoonheid van mensen, natuur, kunst… of het ervaren van sprankelende levenslust en vitaliteit. Ik herinner me een situatie van lang geleden toen ik les gaf op een middelbare school.

Een van mijn leerlingen,14 jaar 3e klas VMBO, lag gelukzalig met haar hoofd op haar tafeltje. Omdat ze normaal gesproken altijd bozig, impulsief en druk was viel dit nogal op. Toen ik haar vroeg wat er met haar was gebeurd dat ze er zo mooi en gelukkig uit zag zei ze spontaan: ‘Mijn leven is goed juf. Ik ben verliefd en ik heb seks gehad en als ik nu dood ga heb ik daar vrede mee!’… Waarna we met de hele klas een prachtig, mooi en hilarisch en gesprek hadden over verliefdheid, seksualiteit en liefde. Voor mij was dit een les in aandacht, intimiteit, vitaliteit, puurheid, liefde en verbinding met mijn leerlingen. En ik denk voor hen zo. Althans, voor dat moment… Geloof me, een paar dagen later was het weer zaak om chaos te managen in de klas.

Vaak zijn we niet in contact met ons bovenbewuste en leven we ons ‘gewone’ leven: versnipperd, ambivalent in gedachten, gevoelens, acties en voortdurend in conflict in onze binnenwereld, wat we projecteren in de buitenwereld. We zijn gemakkelijk (af)geleid en bepaald door mensen en situaties om ons heen, of door gebeurtenissen uit het verleden. Assagioli heeft het bovenbewuste onderdeel gemaakt van zijn transpersoonlijke psychologie:

‘What distinguishes Psychosynthesis from many other attempts at psychological understandig is the position that we take as to the existence of a spiritual Self and of a superconscious, which are as basic as the instinctive energies described so well by Freud.’
— Roberto Assagioli

Waarom is het bovenbewuste zo belangrijk?
Psychosynthese maakt onderscheid tussen het ‘normale’ bewustzijn van het Lagere Onbewuste en het Middelste Onbewuste en het ‘altruistische’ bewustzijn van het Hogere Onbewuste of Bovenbewuste. In andere woorden: Psychosynthese maakt onderscheid tussen ego als centrum van de persoonlijkheid en de verbinding met het Hoger Zelf (Self) als centrum van de persoonlijkheid. Maslow maakt een soortgelijk onderscheid: namelijk tussen behoeften vanuit een tekort en behoefte aan groei en ontwikkeling.
Het belang van het beschikbaar maken van de krachtige energieën uit het bovenbewuste in de persoonlijkheid is dat we daarmee kunnen helpen om de meest fundamentele menselijke problemen kunnen oplossen. Het bovenbewuste voorziet ons in energie die bruggen bouwt waardoor we elkaar begrijpen, waardoor harmonie ontstaat in onszelf en in de wereld. Mia Leijssen, psychotherapeute en verbonden aan de universiteit van Leuven, houdt met haar boek ‘Tijd voor de Ziel’ een pleidooi voor zoeken van de ziel in therapie. Ze schrijft:

‘De menselijke ziel heeft immers meer nodig dan de bevrediging van basisbehoeften zoals fysieke overleving, voedsel, onderdak, veiligheid en sociale relaties. … Ondanks materiële overvloed of kicks op zintuigelijk gebied, ontbreekt er voor veel mensen iets als gevolg van verwaarlozing van zijnswaarden zoals schoonheid, waarheid, goedheid, en liefde. Als deze hogere waarden te weinig plaats krijgen, dwaalt de mens steeds verder af van innerlijke vrede en ontstaat er metapathalogie. Die kan zich uiten in symptomen als depressie, angst, rusteloosheid, verslavingen, eetstoornissen, zonloos geweld..’.   –  Mia Leijssen, Tijd voor de Ziel, p 7.

Het bovenbewuste in psychotherapie
Kenneth Sørensen beschrijft in zijn boek dat het belangrijk is om cliënten te helpen in hun spirituele ontwaken en hen te begeleiden bij de spirituele crises die dit met zich mee kan brengen. In heldere en bondige taal beschrijft Sørensen de vier spirituele crises die door Roberto Assagioli uitgebreider worden beschreven in zijn boek ‘Transpersoonlijke Ontwikkeling’. Voor therapeuten is het belangrijk om deze crises te kunnen onderscheiden van ‘gewone’ crises. Om het eenvoudig te stellen: gewone crises hebben te maken met de behoeften vanuit een tekort (lagere en middelste onbewuste / basisbehoeften van Maslow) en de spirituele crises hebben te maken met groei en ontwikkelingsbehoeften (bovenbewuste). Het is te veel om de crises in deze blog te beschrijven, daarom volsta ik met ze kort te benoemen:

  1. Crisis die voorafgaan aan spiritueel ontwaken: vaak door een innerlijk conflict tussen de persoonlijkheid en de ziel. Bijvoorbeeld een groot verlangen èn angst voelen om je hart te volgen.
  2. Crisis veroorzaakt door spiritueel ontwaken: waarbij het gevaar bestaat dat mensen zich volledig identificeren met spirituele energieën en daarmee zichzelf opblazen, of flippen, of doorslaan in hun ‘missie’. Er is verwarring op het verschil tussen potentieel en de manier waarop dit het beste neergezet kan worden in het dagelijks leven.
  3. Reacties op spiritueel ontwaken: doen zich voor als de wittebroodsweken van de spirituele ervaring voorbij zijn en de realiteit van het dagelijks leven zich weer aandient. Ook wel de crisis van dualiteit genoemd omdat je wordt verscheurd tussen het ideaal en je dagelijkse zelf.
  4. Fases in het transformatieproces: Ergens is er een ‘point of no return’. De prijs die je betaalt voor spirituele ontwaking is het uitzuiveren van oude patronen en het leven naar de waarden van je hart. De weg naar overvloed! Dit levert uitdagingen (keuzes) op als het gaat om liefde/intimiteit, geld, macht…

Dit is wel heel kort… dus wie meer en genuanceerder wil lezen hierover kan ik van harte aanbevelen om het boek te lezen!

 

Bronnen:

  • Kenneth Sørensen, The Soul of Psychosynthesis, the seven core concepts, 2016
  • Mia Leijssen, Tijd voor de Ziel, Lannooij, 2007
Advertenties

SYNTHESE – de weg naar Flow. De vijfde van zeven kernbegrippen van Psychosynthese

Een blog geïnspireerd op het boek van Kenneth Sørensen, The Soul of Psychosynthesis.

Wat is synthese?
Het vijfde kernbegrip van Psychosynthese is synthese. Ik legde dit altijd uit als heel-worden-van-je-psyche in een nieuwe vorm: harmonieus, geïntegreerd, hart verbonden met ziel, in de flow, als ‘staat van zijn’. In plaats van: ambivalent, tegenstrijdig, snel afgeleid door prikkels van buitenaf, zoekend naar controle – vooral met het hoofd – in voortdurende ‘staat van actie’ om ‘beter’ te worden. Ik zag het als het tegenovergestelde van analyse: het ontleden van je persoonlijkheid in afzonderlijke delen. En ik denk ook dat het ten dele klopt, alleen mist het net de essentie, namelijk dat synthese of heelwording geen doel of bestemming is op zich.

Roberto Assagioli stelt dat synthese niet perse betekent dat alle delen van de persoonlijkheid in een harmonieus geheel zijn gebracht en geïntegreerd tot een nieuw geheel. Het gaat juist om het ervaren van de liefdevolle en empathische relatie van ons zelf met alle delen in onze persoonlijkheid die onderling met elkaar in conflict kunnen zijn, uit balans, gefragmenteerd… Maar door de empathische liefde voor elk van die delen in ons-zelf ontstaat ‘holding space’ en daaruit als vanzelf: flow.

The “glue” of the healthy personality is not a seamless pattern of wholeness forged from multiple parts, but is rather an empathic loving of all parts.
— John Firman & Ann Gila (2012)

Wat is flow?
Kenneth Sørensen schrijft er mooi over in dit kader. ‘Flow kan worden gedefinieerd als de spontane, moeiteloze expressie van een actie. Het niveau van de flow hangt af van de complexiteit van de actie. De flow van een balletdanser is complexer dan die van een kind dat speelt en danst. etc. Van een hoger bewustzijnsniveau. Een vereiste voor ‘flow’ is de samenwerking van psychologische functies (geformuleerd in het ster-diagram van Assagioli) die het mogelijk maken om ons vrij te manifesteren met onze persoonlijkheid. Dit vraagt veel oefenen. Het kost een mensenleven om te bereiken wat we ‘soul-flow’ noemen: de spontane en moeiteloze expressie van zielskwaliteiten zoals: wijsheid, compassie, dienstbaarheid. Assagioli ziet dit als het samengaan van de persoonlijke en transpersoonlijke wil.’

Bij het lezen van het hoofdstuk ‘Synthesis’ in het boek The Soul of Psychosynthesis, moest ik denken aan danser Sergei Polunin. Als een voorbeeld van hoe je in strijd met jezelf en de wereld kunt zijn en wat de empathische liefdevolle relatie met (alle delen in) je-zelf kan betekenen. Sergei begon als klein jongetje met dansen. Zijn oma zei: “He used to dance with his heart. He transported himself right into the music.” = Flow…

Twintig jaar later komt hij in een crisis omdat hij zich geleefd voelt door het strakke regime van de balletwereld. Hij verliest de liefde voor de dans, voor zichzelf, en belandt in een destructieve periode. In 2012 dacht hij zijn afscheid van het ballet te dansen in de prachtige clip ‘Take me to Church’ met Hozier…. Totdat de clip viral ging en zijn leven zo in gang zette dat hij inmiddels weer aan de top danst, door hard werken en liefde terug te vinden in zijn leven, voor zichzelf en vooranderen, voor de dans. In maart 2017 verscheen een film over zijn leven.

Synthese in breder perspectief
Kenneth Sørensen legt in zijn boek helder uit dat synthese niet iets is dat alleen in ons plaatsvindt, maar dat dit onlosmakelijk verbonden is met een grotere evolutie van alle mensen een liefdevolle relatie ontwikkelen met hun Hogere Zelf.

Net zoals we alle delen in onszelf kunnen omarmen door de empathische liefde van het (persoonlijke) zelf, zonder dat we perse in harmonie zijn… zo kunnen we andere individuen en groepen omarmen door de empathische liefde van het (hogere) Zelf, zonder dat we perse een harmonieuze relatie met de ander of de groep vormen. Deze ‘links of love’ zoals Assagioli ze noemt, nemen diversiteit, disharmonie en fragmentatie inclusief op alle niveaus van het leven.

Thus, inverting the analogy of man being a combination of many elements which are more or less coordinated, each man may be considered as an element or cell of a human group; this group, in its turn, forms associations with vaster and more complex groups, from the family group to town and district groups and to social classes; from workers’ unions and employers’ associations to the great national groups, and from these to the entire human family. — Roberto Assagioli

From a still wider and more comprehensive point of view, universal life itself appears to us as a struggle between multiplicity and unity—a labor and an aspiration towards union. We seem to sense that—whether we conceive it as a divine Being or as cosmic energy—the Spirit working upon and within all creation is shaping it into order, harmony, and beauty, uniting all beings (some willing but the majority as yet blind and rebellious) with each other through links of love, achieving—slowly and silently, but powerfully and irresistibly—the Supreme Synthesis. — Roberto Assagioli

Afsluitend

  • synthese is geen doel op zich, het gaat er niet om hoger op de ladder van verlichting te komen
  • je hoeft niet ‘heel’ te zijn om flow te ervaren: als ik me bijvoorbeeld verdrietig en gefrustreerd voel tijdens mijn yogapractise, en even helemaal niet bij liefde voor mezelf kan, helpt het om mijn medeyogi’s en de teachers om me heen te voelen, hen te horen ademhalen; hun toewijding en liefde helpt mij langzaam terug naar mezelf…
  • het ‘werken’ zit hem in het in balans brengen van alle psychologische functies door een dagelijkse practise die ons leert focussen op liefde voor dat wat er is.
  • een liefdevolle empathische relatie met jezelf is een brug naar liefde voor de ander, en de wereld, de kosmos

Bronnen

HET IDAALMODEL – een manier om te focussen. De vierde van zeven kernbegrippen van Psychosynthese

Een blog geïnspireerd op het boek ‘The Soul of Psychosynthesis, The Seven Core Concepts’- Kenneth Sørensen.

Your life, your masterpiece
Als we ergens moeite mee hebben in ons dagelijks leven, is het wel focus. We zijn er vrij slecht in staat om onze aandacht langdurig te richten op één punt, taak, of doelstelling. We zijn makkelijk afgeleid. Onlangs las ik het boek ‘Nooit meer te druk’ van psycholoog Tony Crabbe. Hij zegt over druk zijn het volgende:

“Het startpunt is niet: proberen om minder druk te zijn…. Het brein werkt namelijk niet op negatieve opdrachten, maar op positieve opdrachten. Dus het startpunt is: maak voor jezelf heel duidelijk wat de belangrijkste dingen zijn die je wilt doen in je leven.”

Hij zegt dan ook dat tools voor bijvoorbeeld time-management niet de oplossing zijn voor drukte, want als je niet heel erg duidelijk weet wat je met die overgebleven tijd gaat doen, is de kans groot dat je nog meer gaat doen, en het dus nog drukker krijgt. Het gaat hem met andere woorden om de shift van ‘tijd managen’ naar ‘aandacht managen’.

De techniek van het Ideaal Model gaat over de focus op wat belangrijk is in je leven. Het gaat over wie je kunt zijn. En wie je in aanleg in wezen al bent. Piero Ferrucci schrijft hierover in zijn boek ‘What we may be’:

‘Een vogel pikt zich een weg uit ene ei, Een knop komt tot bloei in een roos. Een ster krijgt vorm door verdichting van gaswolken in de ruimte. Gesmolten mineralen koelen af tot prachtige kristallen. Er lijken dingen te zijn die horen te gebeuren. Hoe zit dat met mensen? Zijn wij ook geneigd ons volgens een dergelijk innerlijk plan te ontwikkelen? of is het leven een en al toeval? Psychosynthese gaat er vanuit dat in ieder van ons al een ideaal patroon aanwezig is. Het ontdekken ervan en het afstemmen erop is een levenswerk.’

Het ideaalmodel
Dit model gebruikt ‘nature’s own design’. Dat wil zeggen geen mentaal bedacht concept, maar het ontwerp van de natuur zelf. In iedereen is een uniek patroon aanwezig en in elke fase van ons leven passen daar ondergeschikte doelen bij – stappen op weg naar het ideale patroon. Dit patroon werkt als een innerlijke evolutie in ons: een ontwikkeling die plaatsvindt, waarop we kunnen leren afstemmen, maar waar we tragisch genoeg onszelf onbewust vaak in tegenwerken. Dat ervaren we dan bijvoorbeeld als onrust, stress, ziekte, somberte. Als we op dit ideale patroon afstemmen, ervaren we kwaliteiten als rust, vreugde, flow, liefde, vertrouwen, etc. Het is best een uitdaging om met het ideaalmodel te werken, omdat het vereist dat we ons vrij kunnen opstellen voor ‘nature’s own design’. De praktijk leert dat we eerst aan de slag moeten met ons ego, dat er vaak heel andere ideeën op nahoudt. Tegenstrijdige ideeën ook….

Uitzuiveren van ‘valse zelfbeelden’
Als er een ideaal zelf-model bestaat, dan bestaan er logischerwijs ook zelf-modellen die niet ideaal zijn. Roberto Assagioli beschrijft zes typen zelfmodellen die hij ‘valse’ zelf-modellen noemt, omdat ze niet een ware reflectie zijn van wie we echt zijn. Het zevende model is het ideale model. In het kort:

1. Zelfoverschatting en zelf-onderschatting:
Wanneer we ons maar steeds vergelijken en meten met anderen: beter of slechter, mooier of lelijker, meer of minder succesvol, etc.

2. Dagdromen van wie we zouden willen zijn:
Wanneer we ons richten op onbereikbare en geïdealiseerde modellen, zoals de ideale man, vrouw, partner, het ideale lichaam, beste vader of moeder… etc. Of als we ons uitleveren aan idolen of guru’s op een ongezonde manier en alles doen wat zij ook doen, om maar te worden wie zij ook zijn.

3. Aanpassen aan hoe wij graag willen dat anderen ons zien:
Bepaalde aspecten laten laten we graag van onszelf zien, andere kanten liever niet. Voor elke belangrijke persoonlijke relatie hebben we een ‘versie van onszelf’, bijvoorbeeld als partner, als vriend(in), als zoon of dochter, als collega…

4. De beelden die anderen van ons maken:
Wat anderen geloven dat wij we zijn en waardoor we ons laten bepalen. Bijvoorbeeld: zij is altijd sterk, durft alles, stelt zich niet snel kwetsbaar op, is chaotisch en hangt graag de lolbroek uit…

5. Zoals anderen ons graag zien:
Als we proberen te voldoen aan het beeld en de verwachtingen die anderen van ons hebben. Bijvoorbeeld: hij is altijd vrolijk, is altijd bereid om iets extra’s te doen, kan met iedereen opschieten…

6. Beelden van onszelf die anderen in ons oproepen en waarvan we ons niet bewust zijn.
Bijvoorbeeld wanneer iemand opgroeit in een onderdrukkend milieu en daardoor is gaan geloven dat hij niets voorstelt, of wanneer iemand opgroeit in een dogmatisch milieu waarin slechts één waarheid bestaat en andere meningen worden afgewezen. Dit kan heel schadelijk zijn voor de ontwikkeling.

Doorgaans hoppen we onbewust van het ene in het andere ‘valse’ zelfbeeld. Fanatiek gevoed door onze omgeving, peergroup, social media met wat ‘de norm’ is van het moment. Anders gezegd: we reageren op anderen of op situaties om ons heen en zijn vergeten wie we in wezen zijn, van binnenuit. Het slechte nieuws is: we kennen allemaal minstens enkele van deze valse zelfbeelden. We zoeken nu eenmaal heel graag dè oplossing voor onze issues buiten onszelf. Een ultieme methode om gelukkig te worden, de oplossing voor een leven zonder stress, de tips voor de beste seks, noem maar op, kortom de ‘quick fix’. We houden er onszelf (en anderen) uiteindelijk mee voor de gek en worden afhankelijk van de waan van de dag. Het goede nieuws is: we kunnen bewust kiezen voor een gezond en authentiek zelfmodel: het ideaalmodel.

7. Het ideale model is wie we kunnen worden, vanuit een realistisch perspectief
Dat wil zeggen, van binnenuit. Dat is nog niet makkelijk want als we de prikkels van buitenaf weerstaan en de aandacht naar binnen brengen, zien we eerst onze innerlijke toestand. Focus op het ontdekken van ideale model in ons, vraagt allereerst om inclusiviteit: van onze mooie kanten, maar ook ons donkere kanten. Het vraagt om onderscheid kunnen maken tussen inhouden in ons bewustzijn en de liefdevolle getuige ervan, ons bewuste zijn. Dit uitzuiveren van ‘valse zelfbeelden’ is de eerste stap op weg naar ons-zelf.

Kenneth Sørensen voegt hieraan nog een 8e zelfbeeld toe, dat ik ook graag wil noemen:

8. Realistische weergaven van wie we zijn op dit moment in onze ontwikkeling.
We hebben namelijk altijd haast, en we richten ons doorgaans het liefst op een mooie toekomst, en schieten volle kracht vooruit in de actie: wat kan ik allemaal doen….?! Dat is vaak het moment dat we een toffe hardloop-outfit kopen met de beste schoenen (of beter op blote voeten?) een hartslagmeter etc. Zaken die na een paar intensieve trainingen werkloos in de kast blijven liggen. Of we schaffen een schildersezel aan, kwasten, verf van een goede kwaliteit, en… helaas… we komen er maar niet aan toe om een uurtje per week te besteden aan schilderen. Of nog eentje: we kopen een mooie yogamat, dito broek en top, abonnement bij de yogaschool… en jammer maar helaas, de lestijden komen ons niet uit, of we hebben het toch net te druk met andere zaken. Wat op zich mooie doelen zijn met de focus op een gezonder, creatiever, misschien wel spiritueler leven, en met fantastische artikelen als hulpmiddel, heeft geen kans als we de eerste stap niet nemen: de focus van buiten naar binnen brengen en uitzuiveren van valse zelfbeelden. Deze beelden zitten vaak diep verankerd in onze persoonlijke geschiedenis. Wie daar niet naar wil of durft kijken, zal zijn eigen authentieke ideaalbeeld niet herkennen… En wie te veel haast heeft, kan ontmoedigd raken, geïntimideerd, of ten prooi vallen aan perfectionisme.

Werken met het ideale model
Hoe kun je nu toch een begin maken op een veilige manier als je nog geen idee hebt van je uiteindelijke persoonlijke ideale patroon? Piero Ferrucci stelt voor om te beginnen met het onderzoeken van de schoonheid van ideale patronen in het algemeen. De volgende oefening is overgenomen uit zijn boek ‘What we may be’ (p. 231):


Denk aan een vorm die volgens jou de zuiverheid en volmaaktheid van een ideaal heeft. Dat kan vorm zijn uit:
. De minerale wereld: de volmaaktheid van een kristal of een edelsteen.
. De natuur: de schoonheid van een bloem in bloei, of een blad.
. De dierenwereld: de volmaaktheid van een paard, een dolfijn of een vogel.
. De kosmos: de volmaaktheid van een regenboog of een ster.
. De mensenwereld: de zuiverheid van een persoon in een specifieke functie, of de intense schoonheid die je hebt ervaren in een gedicht, een schilderij, een lied,een dans…

Overweeg een aantal van deze ideale vormen.
Stel ze helder en levendig voor en geniet van de schoonheid van dit ideaal.

Accu
De werking van deze oefening bestaat uit de ‘wet’ dat beelden energiedragers zijn. Ze werken als een accu die is opgeladen met verfijnde en krachtige energie. Wie zich ‘aansluit’ op zo’n accu, kan zichzelf bewust opladen met energie die past of nodig is. Psychosynthese is een ‘energie-psychologie’ en werken met beelden is een belangrijke methode in leren beheersen van psychologische energie.

Kenneth Sørensen beschrijft in zijn boek dat het werken met beelden als focuspunt, bijvoorbeeld in de vorm van creatieve meditatie, kan leiden tot een verbinding tussen ons zelf en onze Ziel (of Hoger Zelf). Hierin benoemt hij de volgende stappen:

centreren: tot rust brengen van lichaam, emoties, en geest door het identificeren met een innerlijke liefdevolle waarnemer.

opstijgen: in dit stadium creëeren we de verbinding tussen zelf en Ziel. En daarmee ontstaat contact met alle andere zielen, waarbij ons bewustzijn zich uitbreidt in een 360 graden radius om ons heen. Soms ervaar je dit als een tijdloosheid of eeuwigheid.

mediteren: in dit stadium richten we de aandacht volledig op een ideale beeld en laten we de energie ervan tot ons doordringen in ons wezen. Ademhaling is hierbij sleutel, een transportmiddel voor energie.

ankeren: het doel is hier om de energieën die zijn binnengekomen vorm te geven in de wereld om ons heen. Wanneer we dit niet doen, kan energie met een hoog voltage opstapelen en zorgen voor hoofdpijn, brandend gevoel, vermoeidheid, irritatie, rusteloosheid… Een van de manier om dit te doen is het drie maal chanten of zingen van de klank OHM, waarbij je elke keer visualiseert dat je de energie uit laat stromen de wereld in.

Bronnen:

  • The Soul of Psychosynthesis, The seven Core Concepts, Kenneth Sørensen
    Handboek Psychosynthese, Roberto Assagioli
  • What we may be, Techniques for psychological and spiritual growth through psychosynthesis, Piero Ferrucci
  • Nooit meer te druk, een opgeruimd hoofd in een overvolle wereld, Tony Crabbe
  • WIL – de derde van zeven kernbegrippen van Psychosynthese

    Een blog geïnspireerd op het boek ‘The Soul of Psychosynthesis, The Seven Core concepts’ – Kenneth Sørensen

    De weg naar macht
    De wil is het derde kernbegrip dat psychosynthese kenmerkt: wil is een weg naar macht. Dat laatste woord wil ik nuanceren, want het woord ‘macht’ lijkt besmet met associaties als: autoritair gedrag, materiële rijkdom en het voor het zeggen hebben (over anderen), ofwel associaties met uiterlijk machtsvertoon. Maar dat wordt hier niet bedoeld. Hier gaat het om innerlijke macht als in: vermogen, bij machte zijn, in staat zijn, de kracht hebben om je leven aan te sturen. Toch goed om even bij stil te staan, want er is nogal wat te doen over de wil. Hebben we wel of geen vrije wil? Is vrije wil een illusie? In 2016 werd in Nederland nog een congres gewijd aan de wil. Neurowetenschappers, psychologen en filosofen gingen met elkaar in conclaaf over de vraag: zijn we knecht van ons brein of meester van gedrag? De discussie ga ik hier niet over doen, maar Roberto Assagioli is duidelijk van de laatste school: we kunnen vrije wil ontwikkelen. De volgende citaten zijn van hem:

    “Psychosynthese is voor hen die weigeren slaaf te blijven van hun eigen innerlijke hersenschimmen of van uiterlijke invloeden en die vast besloten zijn meester te worden over hun eigen leven.”

    “ The will is the central power of our individuality, the innermost essence of our self; therefore, in a certain sense, the discovery of the will means the discovery of our true being.”

    Als ik cliënten vraag of ze iets kunnen vertellen over hun wil, reageren ze regelmatig verbaasd. Hoezo mijn wil? Bedoel je wat ik wil? Nou nee zeg ik dan, ik bedoel meer hoe je wilt… en daar begint vaak een eerste reflectie op ‘de wil’.

    Soorten wil
    Psychosynthese stelt dat er meerdere wils-soorten zijn; beschreven als aspecten van de wil, die tezamen een volledig ontwikkelde wil vertegenwoordigen. Deze blog is een korte introductie in de wil, als belangrijkste uitvoerende kracht van het zelf. Assagioli wijdde er een heel boek aan getiteld: “Over de wil, Sturend mechanisme in het menselijk handelen”. Hij beschrijft hierin uitgebreid wat ‘wil’ is en hoe we wil kunnen ervaren en trainen.

    Sterke wil
    Is gericht op een doel. Enkele kenmerken van sterke wil: zelfdiscipline, kracht, doorzetten, grenzen verleggen, en grenzen stellen, overwinnen van weerstand en frustratie. Wie doorschiet in sterke wil, ontwikkelt een verharde wil, loopt vast in ‘moeten’ en loopt langzaam leeg… en eindigt in willoosheid of lethargie.

    Kundige wil
    Is gericht op het proces, de stappen naar het doel. Kenmerken zijn: sturing en afstemming, efficiëntie, planning. Wie doorschiet in kundige wil, wordt bijvoorbeeld controle- of procedurefreak en verliest flexibiliteit van afstemmen op anderen en omstandigheden. Assagioli beschrijft tien wetten die ten grondslag liggen aan de werking van deze wilssoort. Afgeleid hiervan zijn technieken die de ontwikkeling van kundige wil mogelijk maken. Het wordt te lang om al deze wetten hier te beschrijven, maar ik volsta voor nu met wet 1:

    ‘Wet 1 – Beelden of denkbeelden, zelf-beelden en ideeën hebben de neiging om fysieke omstandigheden en gedrag voort te brengen’.

    Een wet met enorme impact. Goedschiks (zie goede wil) en ook kwaadschiks helaas. De effectiviteit en impact van deze wet wordt uitermate goed ‘begrepen’ soms ook misbruikt door adverteerders. Zie onderstaande video ‘What our kids see’. Het bewust worden en herijken van beelden vormt een belangrijk onderdeel van Psychosynthese therapie:

     

    Goede wil
    Is gericht op keuze van het juiste doel, het goede. Kenmerken zijn: Intentie, liefde, mogen experimenteren, fouten mogen maken & leren, mildheid, ruimte, liefde, bemoedigen, hartcontact, verbinding. Wie doorschiet in goede wil, wordt grenzeloos, slap, en verliest de balans tussen geven en ontvangen.

    Transpersoonlijke wil
    Is gericht op wat zich wil in ons wil ontwikkelen, de evolutie die – of we er nu op afstemmen of niet – in ons sowieso gaande is. Samen te vatten als: Uw wil geschiede of ‘Trust the process’ . Kenmerken zijn: spiritualiteit, inspiratie, intuïtie, inzicht, licht, zuiverheid, stilte. Je kunt deze wilssoort niet rechtstreeks ontwikkelen. Je kunt de voorwaarden scheppen voor afstemming hierop: door stilte op te zoeken, disidentificatie van denken, voelen, lichamelijke sensaties, mindfullness te beoefenen.

    Het volledig ontwikkelen van de wil omvat dus bovenstaande wilssoorten. Wil is verbonden met onze essentie, onze werkelijke identiteit.

    De wil in therapie
    Kenneth Sørensen beschrijft in dit hoofd stuk helder het belang van het ontdekken van de eigen wil, omdat dit gelinkt is aan de roep van het unieke zelf. Dit unieke en authentieke oorspronkelijk zelf wìl zich in ons manifesteren, alleen zijn wij ons-zelf in de loop van ons leven vaak vergeten. Dat levert veel innerlijk conflict, stress en onrust op.

    Verder beschrijft hij wat ‘will-based-psychotherapie’ vraagt van de therapeut, namelijk enerzijds: een ‘moederlijke’ rol. Voornamelijk is dit aan de orde in het eerste deel van het therapieproces. De therapeut geeft een gevoel van bescherming, begrip, sympathie, en bemoediging. Dat wat een wijze moeder doet. Anderzijds heeft de therapeut ‘vaderlijke’ stijl nodig. Dit is meer een training tot onafhankelijkheid, doorgaans meer aan orde in een gevorderd therapieproces. De echte vaderlijke rol is bemoedigen, het opwekken van de innerlijke energie van het kind en het laten zien van de weg van onafhankelijkheid, want oude patronen doorbreken roept sowieso weerstand op (als dit niet zo was, had de cliënt het probleem al lang zelf opgelost!). Daarom is de vaderlijke functie het wakker maken van de wil van de client. De therapeut die zijn client niet helpt om de wil te ontwikkelen, maakt zijn client afhankelijk en en daarmee ontstaat gevaar voor regressie.

    Om nog even bij de wetmatigheid over de impact van beelden te blijven… Wanneer je als therapeut werkt aan de belemmerende (zelf)beelden met je client, is het net zo belangrijk om te werken aan een nieuw perspectief. Een prachtige techniek die hierbij gebruikt wordt, is de techniek van het Ideaal Model.

    “Individual psychosynthesis can be said to consist essentially in the actualization of one’s own ideal model” – Roberto Assagioli

    Het Ideaal model is niet voor niets het vierde kernbegrip van psychosynthese. Daarover lees je meer in de volgende blog!

     

    bronnen

    ZELF – De tweede van zeven kernbegrippen van Psychosynthese

    Een blog geïnspireerd op het boek ‘The Soul of Psychosynthesis, The Seven Core concepts’ – Kenneth Sørensen.

    Bewust aanwezig zijn in het hier-en-nu
    Het zelf – de weg naar meer presence, naar meer aanwezigheid in het hier-en-nu: het vermogen om hier-en-nu aanwezig te zijn met volledige aandacht, vrij, wakker en bewust. Dus niet in het verleden en ook niet in de toekomst, maar in het nu. Dat is nogal moeilijk voor de gemiddelde mens. Mijn gedachten en gevoelens nemen me voortdurend mee naar allerlei ‘dossiers’. Bijvoorbeeld het dossier ‘werk’ of ‘gezin’ of ‘relatie’ of ‘onderhoud huis’. Of ik verdwaal in mijn gedachten, dan weer blijf ik maar hangen in een gevoel, etc. Alleen mijn lichaam is hier en nu – dat kan niet terug in de tijd en niet vooruit – met mijn ademhaling als kompas en als brug naar mijn zelf.

    Zelf: het zelf is echt iets anders dan de ‘dossiers’ of ‘inhouden van het onbewuste’ en het is nogal iets anders dan ons denken, voelen en onze (lichamelijke) sensaties. Aansluitend op de vorige blog over disidentificatie is het zelf datgene wat overblijft als ik me dis-identificeer van alle inhouden of dossiers in mijn onbewuste. Inhouden komen en gaan met de waan van de dag en ze bepalen in grote mate èn onbewust ons doen en laten. Zo (over)leven we van inhoud naar inhoud, van de ene rol in de andere en houden we ons bezig met het ene dossier na het andere.

    Maar als ik ga zitten, mijn ogen sluit en mijn aandacht richt op mijn ademhaling, dan ontspan ik elke uitademing een beetje meer. Ik richt mijn aandacht op mijn binnenwereld en ik observeer… En als ik ben afgeleid, kijk ik (steeds vaker) met liefdevolle aandacht naar wat er allemaal in me rondgaat. Zonder te oordelen als in: wel leuk / niet leuk, fijn / niet fijn, mooi / lelijk, goed / niet goed. Hoe dichter bij me-zelf, hoe milder en liefdevoller mijn waarneming.

    Soms stel ik me voor  in het oog van een heftige wervelstorm te zijn waar het heel stil is, terwijl alles om me heen door raast. Soms is het rustiger en lukt het me om (steeds opnieuw) de dossiers ‘neer te leggen’. Het heeft me jaren gekost om überhaupt een poos stil te  zitten. Langzaam aan heb ik mijn zelf of centrum leren herkennen, het steeds weer leren terug te vinden en te versterken. Dat vereist een dagelijks practice, zoals Roberto Assagioli ook bepleit. Inmiddels weet ik uit ervaring dat deze plek in mij een vaste plek is die er altijd is, voorbij de waan van de dag, voorbij mijn ego, no matter what. En sterker nog: dat ik in wezen dit zuivere bewustzijn ben, presence ben, en dat ik alle inhouden heb.

    Het ‘zelf’ is het tweede kernconcept van Psychosynthese. Sørensen schrijft dat Psychosynthese therapeuten presence in zichzelf dienen te be-oefenen, als dagelijkse practice, èn in het werken met cliënten. Zodat we kunnen waarnemen wat er in onszelf gebeurt èn in het veld van de cliënt. Het doel is niet het bereiken van een piek-ervaring of een life-changing-experience, maar het geleidelijk opbouwen van een innerlijk centrum, van presence. Het veronderstellen van dit pure centrum van zuiver zelfbewustzijn als de essentie van de mens – en dus niet de mens gelijk stellen met zijn probleem of diagnose – onderscheidt Psychosynthese van andere psychotherapeutische aanpakken. Assagioli was zeer geïnspireerd door de kijk van het ‘Oosten’ op het ‘zelf’ en in het bijzonder was hij geïnteresseerd in de yogafilosofie. Het kernconcept ‘zelf’ is vergelijkbaar met Ātman in de Hindufilosofie. Ātman betekent innerlijk zelf of ziel.

    Innerlijk Huis
    Sørensen beschrijft hoe hij werkt met de innerlijke processen van zijn cliënten. Hij gebruikt hierbij de metafoor van het ‘innerlijk huis’ waarbij elke verdieping staat voor een andere energie & behoeften & hulpbronnen die op hun beurt effect hebben op het ‘zelf’.

    De verdiepingen uit het huis komen overeen met het de lagen in het ‘ei-diagram’ van Assagioli. De begane grond (Middelste Onbewuste) wordt gereguleerd door ratio en logica; in de kelder (Lager Onbewuste) gelden de wetten van het fysieke lichaam, driften en gevoelens; op de bovenverdieping (Hoger Onbewuste) heersen verfijndere wetten, voorbij het mentale: intuïtie en het beeldend vermogen. Door de aandacht naar binnen te richten, en het innerlijk huis te verkennen, wordt belicht wat verborgen was hoe dit ons gedrag beïnvloedt.

    Vaak leven we maar in een deel van ons innerlijk huis, beperkt in ruimte en in vrijheid. Het gehele huis verkennen is gemakkelijker gezegd dan gedaan! In de kelder blijken bijvoorbeeld onverwachte kamers of donkere hoeken te zijn waar we onderdrukte en pijnlijke herinneringen hebben opgeborgen en vervolgens zijn ‘vergeten’. Zonder het te weten zijn we door de jaren heen slaaf geworden van deze blokkades die zich als patronen in ons lichaam en in onze emoties hebben genesteld. Pas als we vastlopen in het dagelijks leven, als we merken dat onze huidige manier van doen ineens niet meer werkt, ontkomen we er niet meer aan om onze binnenwereld te verkennen. Als we stoppen met het verdoven van onze pijn, komen ook de (oude) emoties… ‘You gotta feel it to heal it’. Bekende aanleidingen zijn: problemen in relaties, conflicten op het werk, het verliezen van een dierbare, geveld worden door (chronische) ziekte of (vage) klachten, zingevingsproblemen, etcetera.

    Observe what is…
    Love what is…
    Breathe though it…
    Let it go…
    — Kenneth Sørensen

    Stap 1: To come home to yourself
    Wat Sørensen zijn cliënten leert is vanuit ‘presence’ als liefdevolle getuige het innerlijk huis te verkennen aan de hand van het thema dat speelt, en dan álle verdiepingen… zich daarbij bewust makend welke ego-stukken (of subpersonen) de leiding hebben op welke verdieping, welke overtuigingen en emoties hun doen en laten bepalen. Dit is vergelijkbaar met het waarnemen van inhouden in het onbewuste waar ik in het begin van dit blog over schreef. Het uitdrukking geven aan de gevoelens, gedachten en lichaamstaal van deze vaak onderdrukte en verborgen ‘inhouden’ in een veilige relatie met de therapeut geeft een gevoel van ’thuis komen’. Dat is stap één in het bij je-zelf komen, zijn wat wat er is….

    Stap 2: Become the master in your own house
    In het hart van het zelf is zowel een actieve als een passieve kant. Sørensen spreekt hier beeldend van ‘the spectator’ (toeschouwer, liefdevolle getuige, zie stap 1) en de ‘directing agent’ (richtinggever). Dit laatste deel van het zelf kan aanzetten tot actie, maar is zelf geen actie! Het wìl iets, is een wil-er.. Stap 2 van jezelf worden is dat het zelf actief wil interveniëren in ons doen en laten: het kan de verschillende functies en energieën in onze persoonlijkheid kiezen en richten om actie te ondernemen in de buitenwereld. Met andere woorden: we kunnen leren om onze gedachten, gevoelens, (lichamelijke) sensaties, driften en verlangens, beeldend vermogen en intuïtie in vrijheid te gebruiken om ons zo vrij te manifesteren in het leven. Dus: in het centrum van ons zelf is een eenheid tussen mannelijkheid en vrouwelijkheid, wil en liefde, actie en observatie.

    Persoonlijk vind ik dat Kenneth Sørensen heel duidelijk en concreet het kernbegrip ‘zelf’ uitlegt waardoor de dynamiek tussen het ei-diagram en het ster-diagram van Assagioli superduidelijk wordt. Wie meer wil weten over het werken met het ‘zelf’ in het begeleiden van mensen, leest in dit hoofdstuk – naast het ontwikkelen van presence, en het trainen van disidentificatie – ook over de noodzakelijke rol van liefde, het belang van rol-model (External Unifying Centre) zijn als therapeut en de relatie tussen het zelf en de ziel…

    bronnen:

    DISIDENTIFICATIE – De eerste van zeven kernbegrippen van Psychosynthese

    Een blog geïnspireerd op het boek ‘The Soul of Psychosynthesis, The Seven Core concepts’ – Kenneth Sørensen.

    ‘Even if Psychosynthesis is presented as a synthesis of different therapeutic and educational approaches, it is important to remember that it has its own original and central essence’ — Roberto Assagioli

    Assagioli’s ‘testament’
    Kort voor zijn dood op 85 jarige leeftijd liet Roberto Assagioli een document na met daarin een schets van de zeven kernbegrippen van Psychosynthese. Assagioli benadrukt hierin dat Psychosynthese zijn eigen oorsprong heeft waarmee het zich onderscheidt van andere psychotherapeutische aanpakken. Namelijk: Psychosynthese plaatst de ziel centraal. Deze bijzondere schets heeft Kenneth Sørensen uitgewerkt in een helder en toegankelijk boek.

    De zeven kernbegrippen

    1. Disidentificatie – de weg naar Vrijheid
    2. Het zelf – de weg naar aanwezigheid in het hier-en-nu
    3. De wil – de weg naar Kracht
    4. Het ideaal model – de weg naar Focus
    5. Synthese – de weg naar Flow
    6. Het Bovenbewuste – en weg naar Overvloed
    7. Het Transpersoonlijke Zelf of Hoger Zelf – een weg naar Liefde

     

    Disidentificatie – een weg naar Vrijheid

    Het bewust en doelgericht gebruiken van dis-identificatie, is de basis van Psychosynthese. Wie deze techniek beheerst, ontwikkelt de (keuze)vrijheid om zich te identificeren met zelf-bewustzijn, in plaats van samen te vallen met gedachten, gevoelens, ons lichaam, onze ‘monkey-mind’….

    Sørensen beschrijft in dit hoofdstuk mooi welke functie disidentificatie heeft in het therapieproces en hoe het psychosynthese-therapieproces onderdeel is van de algehele persoonlijke en transpersoonlijke ontwikkeling van de mens. Het therapie-proces helpt een client om:

    Zichzelf te ervaren als een liefdevolle getuige die in staat is om inhouden van het bewustzijn te observeren, er mee aanwezig te zijn, te accepteren (in het engels mooier beschreven als ‘to hold space and accept’) en uiteindelijk te transformeren.
    Zichzelf te ervaren als een actieve observator die wilskracht op een gezonde manier kan gebruiken om dieperliggende behoeften te vervullen en eigen unieke hulpbronnen kan inzetten.

    Het disidentificatieproces
    Psychosynthese stelt dat de Ziel nooit gescheiden is van de persoonlijkheid. De Ziel (of Hoger Zelf) is altijd aanwezig een als innerlijke gids en beschermer. De Ziel leeft in het bovenbewuste en doorstraalt – net als de zon – door in onze psyche, ook als we ons dit niet bewust zijn. Het belicht mogelijkheden en potenties als hulpbronnen in onze ontwikkeling. Het ‘zelf’ heeft deze taak op het niveau van onze persoonlijkheid. Het belicht onze gevoelens, gedachten, fysieke processen en sensaties, verlangens en driften, ons beeldend vermogen en onze intuïtieve kracht met liefdevolle aanwezigheid. Zonder oordeel, actief, inclusief. Anders dan dat wij zelf meestal doen, vanuit een rol of subpersoon… Dan zijn we re-actief, gericht op de ander, de situatie, gehecht aan patronen die we ons nauwelijks bewust zijn. Als we ons-zelf willen ontwikkelen, zullen we ons moeten identificeren met deze zelf-Ziel verbinding. En zullen we ons moeten dis-identificeren van alles wat ons daar van afhoudt.

    “To disidentify is to observe, contain, breathe, and let go”
    — Ken Sørensen

    Sørensen legt dit mooi uit hoe je een liefde volle waarnemer kunt ontwikkelen: observeren, accepteren, bewust ademen en loslaten van identificaties. Een van de technieken om dit te ontwikkelen is de Disidentificatie oefening. Ook in onze opleidingen en cursussen wordt dit als basisoefening gebruikt. De oefening zelf is in de bijlage van het boek opgenomen en overigens ook in boeken van Roberto Assagioli en Piero Ferrucci terug te vinden. Ook in het meditatieboekje van de Psychosynthese Academie is een uitwerking van de disidentificatie-oefening beschreven. De essentie luidt als volgt:

    Ik heb een lichaam, Ik waardeer mijn lichaam, maar ik ben niet mijn lichaam
    Ik heb gevoelens, Ik waardeer ze, maar ik ben niet mijn gevoelens
    Ik heb gedachten, ik waardeer ze, maar ik ben meer dan mijn gedachten
    Ik ben een centrum van puur zelf-bewustzijn en wil
    Ik ben verbonden met mijn Ziel
    Een onuitputtelijke altijd beschikbare lichtbron.

    Disidentificatie-oefening luisteren

    Zes lessen die ik heb geleerd van mijn studenten

    Sinds een aantal jaar geef ik als freelancer een aantal uren per week les aan derdejaars studenten op De Haagse Hogeschool. Van een aantal klassen ben ik Studieloopbaanbegeleider en ik geef elke periode het vak PPO: Persoonlijke en Professionele Ontwikkeling. Dat past goed bij mijn werk, omdat ik graag het beste in de ander (en in mezelf) naar boven wil halen.

    Soms heb je van die lessen die je bijblijven. Zo’n les waarin het lesplan de prullenbak in kan, omdat er iets belangrijkers gebeurt. Afgelopen week was zo’n les. Voor aanvang van deze les tref ik een student waarvan ik weet dat ze het moeilijk heeft en ik vraag haar hoe het met haar is. Het is een week na ons gesprek samen waarin zo verdrietig en gestrest was, dat ze haar studie niet meer zag zitten. In dat gesprek nodigde ik haar uit om er iets over te zeggen in de klas, zodat anderen begrijpen waarom ze soms zo afwezig en ongeïnteresseerd overkomt. Dat wilde ze niet: ‘Wat kunnen anderen met mijn problemen? En bovendien gaat het ze niks aan’. Waarop ik antwoordde dat ze inderdaad het probleem met haar zus niet kunnen oplossen, maar dat het wel kan helpen om begrip te krijgen, en steun van anderen, in een periode waarin je het moeilijk hebt… Maargoed, het vraagt moed om zoiets te doen, dus ik laat het bij haar.

    “We can’t be brave without Fear” – Muhammed Ali

    Ze vertelt: ’Gelukkig gaat het nu beter met mijn zus en dus gaat het ook beter met mij. Maar ik zou er toch graag iets over willen zeggen in de les als dat mag, want dan snappen ze misschien waarom ik zo afwezig ben, ik wil echt graag mijn bijdrage leveren aan projecten, maar soms lukt het niet.’ Dit moment maakt mij blij! Wat een moed om iets kwetsbaars van jezelf te delen. In de les geef ik haar het woord, en ze vertelt kort wat er speelt en moet er van huilen. De rest van de klas is stil en vol aandacht voor haar… Ik vraag of iemand wil reageren en dan zegt een klasgenoot het volgende.

     

    Les 1  –  Wie alles alleen wil doen, wordt ziek

    ‘Wat goed dat je erover vertelt. Ik heb het wel aan je gezien, maar dacht dat je er misschien niet over wilde praten.’ Als ik vraag of ze kan uitleggen waarom ze dit zo goed vindt, zegt ze: ‘Nou, omdat ik dat niet heb gedaan, al sinds ik in het eerste jaar dat ik bij jullie in de klas zit. Ik heb alles voor me gehouden en ik ben er lichamelijk een mentaal ziek van geweest, en heb jullie daar nooit iets over verteld. Ik ging van de huisarts naar de psycholoog en weer terug.’

     

    Les 2  –  Delen waar je mee zit, lucht op

    Ik vraag haar of ze er nu alsnog iets over wil zeggen? Dan komen ook bij haar de tranen, maar ze vertelt dat haar moeder ernstig ziek is geweest en hoeveel spanning en emotie dat met zich mee heeft gebracht de afgelopen jaren. Iedereen luistert vol aandacht. En ik zie dat nog meer studenten geraakt zijn. Het delen lucht haar op.

     

    Les 3  –  Openheid zorgt voor begrip en steun naar elkaar

    Zonder dat we het plannen, laten alle studenten iets van hun kwetsbaarheid zien: over liefdesverdriet, over manipulatie en geweld in de familie, het is niet zomaar wat. Ik luister en voel me geraakt en betrokken en realiseer me wat een heftige problemen ze al hebben in hun leven en hoe ze allemaal zowat alleen worstelen. Ik geef ze de ruimte om te vertellen. Het gebeurt vanzelf: een arm om elkaar, lieve woorden, slokjes water, en zakdoekjes genoeg… Iedereen is open, heeft compassie, er is begrip, tijd en aandacht voor elkaar. Kwetsbaar en krachtig, recht uit het hart.

     

    Les 4  –  Het mooiste moment is hier-en-nu

    Ik had al besloten om de reflectiemodellen die op het programma stonden maar te laten… Ook helemaal niet nodig, want het gebeurt hier-en-nu: leren van elkaars ervaringen en nieuw gedrag oefenen. Als iedereen de ruimte heeft gehad om iets te zeggen vraag ik de klas hoe we elkaar de laatste weken naar de zomer toe kunnen helpen, om het vol te houden en heel praktisch ook: om de toetsen en projecten voor deze periode te halen.

     

    Les 5   –  Spiritualiteit en/of religie is er altijd, ook in de les

    Dan zegt een van de studenten die tot nu toe alleen geluisterd heeft: ‘Komende week start voor mij de ramadan, dus als ik suf en chagrijnig ben… dan weten jullie waarom… maar wat ik wil vragen: mag ik voor jullie bidden?’ Dat mag!

     

    Les 6  –  Studenten willen het beste in elkaar naar boven te halen

    Uiteindelijk hebben we nog een uur voor de les die ik gepland had en willen studenten graag (!) elkaars assessment filmpjes bekijken om feedback op te geven. Om te reflecteren op competenties uit het competentieprofiel en ter voorbereiding op het updaten van hun portfolio. En om tips en adviezen uit te wisselen voor diegenen die het assessment moeten herkansen. Verder besluiten ze elkaar te bellen als ze iemand missen in de klas, en om iets leuks samen te doen. In een vrolijke en energieke stemming sluiten we tenslotte de les af. En ik voel me blij en trots. De hele dag nog 🙂 nee, nu nog steeds :D.

    Zo zijn er elk jaar een paar van die parels van lessen, en dit was er weer zo een…

    Gisteren vond ik op YouTube een prachtig filmpje van Jim Carrey dat hier mooi bij aansluit. Als je bij minuten hebt, laat je inspireren!

    The meaning – Jim Carrey

    anons_53

     

    De draad kwijt…

    Vanochtend na yoga was ik de draad kwijt, in de war en verdrietig om een of andere reden, oke (oke? niet oke! wel oke, zucht, etc … ik probeer het maar te laten zijn). Zo komt het dat ik vanochtend eerst op Facebook blijf hangen, muziek luister, en van lieverlee aan het dagdromen raak over de vijfdaagse training ’24/7′ over de balans tussen werk en zorg. Een opdracht in ontwikkeling die ik over een poosje geef samen met een collega.

    Het was voor ons al snel duidelijk dat de training niet moet gaan over time-management of een efficiencyslag. (Al was het maar omdat ik bepaald geen expert ben in ‘planning & controle’, daar zijn anderen echt beter in. Bijvoorbeeld schrijf ik nu een blog, terwijl ik eigenlijk m’n administratie zou doen). Maargoed, voor ons is ‘de essentie van wat je doet’ onlosmakelijk verbonden met ‘van waaruit’ je het doet. Dat bepaalt namelijk waar de aandacht en focus heen gaat. Vragen die we onszelf hierover stelden:

    • moet ik? of heb ik een keuze?
    • wil ik ergens vanaf zijn? of wil ik een bijdrage leveren?
    • durf / kan ik grenzen stellen? of laat ik anderen/omstandigheden bepalen?
    • waar ben ik bang voor? durf ik kwetsbaar te zijn? hulp te vragen?
    • wat doe ik aan inspanning en ontspanning?
    • kan ik uit de waan van de dag? rust vinden midden in de drukte?

    Vragen die ik best moeilijk vind om eerlijk te beantwoorden. Waardoor ik me afvraag: vanuit welk perspectief leef, werk, zorg ik?

    tumblr_l8j779e2c31qzwm9io1_500

    afbeelding: PARKING via banksy.co.uk

     

    In het uitwerken van het programma valt steeds steeds woord ‘leidraad’. We willen bereiken dat deelnemers hun eigen leidraad (terug)vinden, misschien wel letterlijk een leidraad maken, een symbolische ketting, zoals een rozenkrans, of een mala ketting…

    ‘Een leidraad is dus eigenlijk een draad die gespannen is om iemand te helpen de weg te vinden; Leidraad is vermoedelijk ontstaan door de gedachte aan ‘de draad van Ariadne’. Ariadne is een figuur uit de Griekse mythologie. Zij hielp de Atheense held Theseus uit een labyrint door hem een kluwen touw toe te werpen. Door het kluwen af te winden kon hij de uitgang vinden: de draad ‘leidde’ hem.’
    ‘Een rozenkrans of paternoster is een gebedssnoer in gebruik in de Katholieke Kerk. Rozenkrans is ook de naam voor het ‘rozenkransgebed’, en het is een hulpmiddel bij het uitvoeren van hiervan.’
    ‘Een mala is van origine een gebedsketting. Zij wordt reeds duizenden jaren gedragen en gebruikt door hindoes en boeddhisten tijdens puja (gebed) en meditatie om mantra’s te tellen. Een mala is een symbool van mededogen.. ‘

     

    Ik beland in de griekse mythe ‘De draad van Ariadne’ waarin Ariadne de dappere (en knappe) Theseus redt door hem een zwaard en (lei)draad te geven opdat hij in het labyrint van Knossos de weg naar het centrum kan vinden, de minotaur kan doden en via het draad de weg uit het labyrint weer terug kan vinden. Als held.

    De symboliek van het verhaal spreekt me aan. Het labyrint staat voor ons (lagere en hogere) onbewuste. Energieën die altijd in ons leven aanwezig zijn, alhoewel we daar in ons dagbewustzijn niet mee bezig zijn. Wat een onbenutte potentie! De weg naar het midden van het labyrint brengt ons naar ons Zelf. Onderweg is het de kunst om de focus op het pad te houden en ons niet te laten afleiden, soms moeten knopen doorgehakt – de draad (vrouwelijke energie) verwijst hiernaar. Wie de draad kwijtraakt, komt in een doolhof terecht. De minotaurus staat symbool voor de monsters die we kunnen tegenkomen in onszelf – onze grootste angsten – die we moeten verslaan met het zwaard (mannelijke energie).

    Waarom deze mythe, de leidraad? Om ‘the full potential’. Om de diepgang en hoogtepunten in je leven, om de liefde voor jezelf en voor anderen. De ervaringen in het labyrint vragen om toepassing in het dagelijks leven, hier-en-nu. Maar dan verbonden met ons Zelf.

    Wie dat niet wil – en ik wil dat vaak ook niet – leeft met de waan van de dag en wordt bepaald door anderen en omstandigheden, die overleeft. Dat maakt verdrietig, angstig, verward…

    Mijn administratie is nog niet gedaan, maar de muziek maakt me rustig en de draad van Ariadne inspireert. Nieuwe energie!

    Hoop dat ik je aansteek…

     

    bronnen / achtergrond informatie / beluisterde muziek:

    Trust the process….

    Ik ben er van overtuigd dat in mij, in jou, in ons allemaal een diep en intuïtief weten is, een reeds aanwezig plan, dat zich in ons ontvouwt als de unieke bedoeling van mijn, jouw, ons leven.

    Poeh-hé, dat staat er nu, zwart op wit. Gelijk, echt direct, roept er een stemmetje in mij mee: ‘Is dit niet een beetje zweverig Koetsier? Naïef?’ Precies dat gebeurt in mij als ik deze eerste zin tik. En toch doe ik het, want ik ben er al een poos mee bezig en ik weet dat kleur bekennen van alles oproept in mezelf en dat het noodzaak is om duidelijk te worden. Namelijk, over spiritualiteit kan ik nog wel een beetje vaag zijn. Als iemand vraagt wat ik voor werk doe, benoem ik direct persoonlijke ontwikkeling, maar over spirituele ontwikkeling ben ik voorzichtiger, ik noem dat niet zo uit mezelf, half-half soms… Omdat het kwetsbaarder is, minder goed uit te leggen of aan te wijzen, en omdat het voor mij misschien wel het meest wezenlijke is in mijn werk en ik daar niet graag op afgefikt wil worden. Toch zonde, want zoals ik zei: misschien is spirituele ontwikkeling wel met meest essentiële in mijn werk. Zonde dus om daar vaag en onduidelijk te zijn. Voilà, de motivatie voor deze blog.

    Daarom heb ik mezelf onderzocht op dit dilemma, op mijn ‘doen’ en ‘laten’. Enerzijds: wat ‘doe’ ik als ik mensen begeleid in hun ontwikkelingsproces en anderzijds:wat laar ik… ‘trust de process’ – het plan is al in ieder aanwezig, daar valt niks aan te doen.

    Enerzijds ‘doen’
    Een pleidooi om te doen: In het begeleiden van individuen en groepen, werk ik onder andere met doelen, keuzes maken en focus creëren op wat echt belangrijk is. Ik help mensen reflecteren op stappen die ze nemen/of juist laten, zo nodig stuur ik bij in dat proces. Doel is dat de ander gaat ervaren dat hij /zij zelf weer het stuur van het leven in handen heeft en niet meer zo wordt meegesleept door problemen, anderen, situaties, de waan van de dag. Juist omdàt het ze ontbreekt aan overzicht, durf en moed om te kiezen, branden mensen op, lopen ze emotioneel vast, blijven ze malen, slapeloze nachten lang soms. Ik ken het zelf ook…

    Anderzijds ‘laten’

    Een pleidooi om te laten: Je eigen persoonlijke en spirituele ontwikkelingsproces vertrouwen betekent dat je uitgaat van een dieper weten dat de bedoeling van je leven al in je is, als een blauwdruk, een onderliggende intelligentie. Voorbij de logica en niet waar te nemen met je zintuigen, maar wel werkelijkheid. Terrein waar de woorden tekort schieten, wat kunstenaars al eeuwenlang proberen te vatten in muziek, dans, poëzie, beelden, schilderijen… Wat je kunt ervaren als je ontroerd raakt door kunst, of doordat je iemand in de ogen kijkt en je plotseling een glimp van zijn/haar ziel opvangt. Waar je kippenvel krijgt, of tintelingen in je lichaam… allemaal mogelijke reacties van dit werkelijk bestaande spirituele gebied.

    Dus ondanks dat je het niet weet, en niet weet waarom, erop vertrouwen dat jij een unieke bijdrage hebt te leveren aan deze wereld. Het doet me denken aan een uitspraak van Viktor Frankl:

    ‘Vraag je niet af wat het leven jou te bieden heeft, maar vraag je af wat jij het leven te bieden hebt’.

    Voor wie gelooft dat het leven niet alleen maar maakbaar is, noch louter uit toeval bestaat, blijft over te geloven dat er een proces is dat zich in ons wil voltrekken. Hoe meer je erop weet af te stemmen, hoe meer je de taal verstaat van deze verfijnde energie.

    Van dilemma naar synthese
    Ik heb me altijd al verdiept in spiritualiteit. Religieus opgevoed ken ik de rijkdom van verhalen uit de bijbel. Bijna twintig jaar geleden begon ik met mijn opleiding Psychosynthese, een holistische, positieve psychologie die stelt dat mensen in wezen spiritueel zijn. Nog steeds werk ik vanuit deze visie. De afgelopen jaren heb ik me verdiept in de yoga-filosofie. In mijn blogs over het 8-voudig pad van Patanjali kun je er meer over lezen.
    Ik realiseer me meer en meer dat ‘doen’ en ‘laten’ bij elkaar horen. Er gebéuren nu eenmaal dingen in ieders leven die diep indruk maken, en logischerwijs vormt het leven ons. Misschien heb je geleerd om je terug te trekken op moeilijke momenten, of misschien heb je juist geleerd om hard aan het werk te gaan als het moeilijk is. Wat ooit een waardevolle oplossing was in lastige situaties, blijkt vaak in latere jaren een onbewuste en automatische oplossing die niet meer werkt…. Een jasje dat te klein is geworden. In dat opzicht valt er genoeg te ‘doen’ aan persoonlijke bewustwording: het slechten van hobbels en doorbreken van hardnekkige patronen op je levenspad.

    Alleen, het pad zelf hoef je niet te maken, dat is er juist al. In mijn blog over ‘De Koetsier’ gebruik ik de koets als metafoor: de koets vertegenwoordigt ons lichaam, waar we goed voor moeten zorgen: gezond eten, voldoende bewegen, balans vinden tussen inspannen en ontspannen. Vóór de koets lopen paarden: onze emoties, die de ene dag gierend met ons aan de haal gaan, de andere dag zijn ze niet vooruit te branden. Ook die vragen om aansturing: soms moeten ze aan de teugel, soms verdienen ze juist een aanmoediging om zich te uiten. Op de boek zit de koetsier: rekening houdend met de staat van de koets (conditie van ons lichaam), oog hebbend voor de weg en de omstandigheden (de stappen in ons leven), de paarden (emoties) aan de teugel (wilskracht). Tenslotte: een koets rijdt niet voor niets. In de koets bevindt zich een reiziger. Deze staat voor onze Ziel, of Hoger Zelf, die als enige weet waarheen de reis gaat (onze levensbestemming). Hier is geen mentaal contact mogelijk, alleen een intuïtief en wijs aanvoelen, een steeds weer afstemmen tussen Koetsier en Reiziger. De reiziger weet de unieke koers van ons leven. Hoe meer we instaat zijn om de voorwaarden te scheppen voor dit contact, hoe dichter bij ons-zelf.

    Adem halen
    Het gaat dus zowel om ‘doen’ in het sturen van een proces, als om ‘laten/zijn’. Maar nu: hoe doe je dit terugvertaald naar je dagelijks leven? Ik ervaar meer en meer dat bewust zijn van mijn ademhaling me direct in het moment brengt: luisterend naar mijn in- en uitademing – zonder er iets aan te veranderen – ervaar ik hoe het met mij gaat: Hoe klopt mijn hart? Waar ervaar ik spanning, ontspanning, misschien gevoelens, gedachten.., kan ik dit toelaten? Zonder er in mee te gaan, alleen waarnemen wat er in mij gebeurt? Oplettend stilstaan bij wat ik ervaar, zonder oordeel, even uit de waan van de dag, dát brengt uiteindelijk rust en ontspanning, stilte van binnen. In die stilte kunnen we de verfijnde signalen aanvoelen van onze wijsheid en intuïtie, van inspiraties en liefde, creativiteit, etc. Op grond waarvan we durven vertrouwen op de koers die zich in ons ontvouwt.
    Wat zou het je opleveren als je elke dag 5 minuten neemt om je aandacht naar binnen te keren en waar te nemen wat er als is? Ter inspiratie een prachtige meditatie van John Kabat Zin.

    Healing Lake Maditation – John Kabat Zin

    iphonekirsten 1799

    But if we take man as he should be….

    In het boek ‘Heel je Leven’ van Piero Ferrucci las ik het volgende:

    Een vogel pikt zich een weg uit een ei.
    Een knop komt tot bloei in een roos.
    Een ster krijgt vorm door de verdichting van gesmolten gaswolken in de ruimte.
    Gesmolten mineralen koelen af tot prachtige kristalwolken.
    Er lijken dingen te zijn die horen te gebeuren: waardoor iets wordt wat het bedoeld is te zijn.
    ….
    Zijn mensen ook geneigd zich volgens dergelijke innerlijke plannen te ontplooien, of is het leven een en al toeval?

    Bovenstaande tekst is een pleidooi om de zin van je leven te ont-dekken. Elk mens is bedoeld om te worden wie hij of zij in het ideale geval kan zijn. Net zoals een gaswolk een ster wordt, of een eikel een prachtige eeuwenoude stille eik. Alleen is het zo makkelijk niet.

    Leven of overleven?
    In mijn praktijk kwam onlangs een man die wilde voorkomen om nog eens in een burnout terecht te komen. Al eerder was deze man opgebrand geraakt en hij is er van overtuigd dat dit te wijten is aan reorganisatie op reorganisatie en de steeds hoger wordende werkdruk en opgeschroefde targets op zijn werk… Pittige omstandigheden, dat is echt waar.
    En toch ook…. Als we dieper kijken dan blijkt dat deze man al z’n hele leven moeite heeft met grenzen stellen, en dat hij kost wat kost confrontaties uit te weg gaat, uit angst om niet goed beoordeeld te worden. Hij deed dit al thuis in het gezin waar hij de oudste broer was van drie (pittige) zusjes die het ‘toch altijd wel voor elkaar kregen’. Hij deed dit op school waar hij alles gaf om de beste te zijn van de klas en hij ziet dat hij dit ook doet in zijn relatie. Hij maakt zijn vrouw graag blij en ziet er dan ook geen voordeel in om confrontaties aan te gaan. Regelmatig ‘vlucht’ hij naar vrienden en thuis trekt hij zich terug. Op veel fronten levert hij ruimte in. Kortom, het leven is geworden tot overleven.

    De ideale versie van onszelf
    Als ik vraag waartoe hij eigenlijk in staat zou zijn, mocht dit probleem niet spelen, komen er tranen. Hij weet het niet… of ja, toch wel: hij zou best leiding kunnen geven: ‘Ik heb visie en ideeën hoe dingen anders zouden kunnen’ (misschien… voegt hij er snel aan toe). Die feedback heeft hij meerdere malen gekregen, ‘Maarja, ik ben nu al opgebrand van het werk, dus … ik durf dat niet echt aan, dat kan ik er niet bij hebben’. Hij zou een leukere partner zijn, met humor en kracht. Ze zouden meer leuke dingen doen, ‘Eigenlijk ben ik zo…’ Een herkenbaar voorbeeld volgens mij waarin iemand de moed verliest om zichzelf te ontwikkelen.

    In de holistische visie van Psychosynthese – van waaruit ik werk – ga ik er vanuit dat het ‘doel’ van ons leven al in ons aanwezig is, en dat elke levensfase ondergeschikte doelen (of stappen) bevat op weg naar ons ideale patroon. De kunst is om dit weer op te zoeken in jezelf, te geloven wie je eigenlijk bent. In een begeleidingstraject kan dit wat mij betreft niet ontbreken.

    Sparkle!
    In één van mijn favoriete filmpjes, spreekt Viktor Frankl over de jeugd die op zoek is naar de zin van het leven. Het filmpje is oud, uit 1972, in zwart-wit en de tand des tijds heeft de kwaliteit ervan geen goed gedaan. Maar dat maakt niks uit: Frankl sprankelt van enthousiasme en gedrevenheid als hij een zaal vol psychotherapeuten en psychiaters toespreekt over de noodzaak om de ander te overschatten en te zien in zijn volledige potentieel. En hij citeert hierin Goethe: “If we take man as he is, we make him worse, but if we take man as he should be, we make him capable of becoming what he can be.” Ik kan iedereen aanraden dit filmpje te bekijken: